KDE: de Korporate Desktop Environment
Originele auteur: Aaron J. Seigo
Vertaling: Tom Verbreyt
Herziening 0.1
Copyright © 2004 KDE-nl team
Vandaag de dag stelt niemand meer in vraag dat ontwikkeling middels Open Source tot nuttige en complexe software kan leiden: die vraag is met een overtuigend "ja" beantwoord, getuige daarvan de mogelijkheden en het wijd verbreide gebruik van Linux. Toch zijn de [PARITY] en de kracht van Linux tot nu toe hoofdzakelijk in de context van servers van tel geweest. In zekere zin is dat logisch: het voorbije decennium van ontwikkeling was er vooral op gericht een alternatief besturingssysteem voor servers in leven te roepen. Het werk aan moderne desktop-omgevingen is pas sinds een jaar of twee definitief uit de startblokken geschoten.
De jeugdige leeftijd van Linux is echter niet de enige oorzaak voor het uitblijven van een revolutie op de desktop. Tot voor kort waren voorgeïnstalleerde desktop-installaties op basis van Linux een absolute uitzondering. Bovendien is de gemiddelde PC-gebruiker technisch minder onderlegd dan de gemiddelde beheerder van een server, terwijl Linux qua technische kennis net veeleisend OS heet te zijn. Alsof dat nog niet volstond: bedrijven denken via hun bankrekening; de economische voordelen van een op Linux gebaseerd desktop-systeem springen minder in het oog dan die van een Linux-gebaseerde server. Het mag geen wonder heten dat het Linux-gebruik op de desktop flink achterop ligt tegenover het gebruik voor servers.
Gelukkig ziet het er naar uit dat er veranderingen op til zijn. Licentie-overeenkomsten worden steeds strenger, software steeds duurder en veiligheidsproblemen steeds talrijker: belangrijke factoren die ervoor zorgen dat vele gebruikers de overstap wagen. Niet onbelangrijk is ook dat Linux heel wat respect krijgt, sinds bedrijven als IBM, Oracle en HP Linux zijn gaan gebruiken voor belangrijke projecten. Van een nog grotere impact is de recent sterk toegenomen beschikbaarheid van gesofisticeerde gebruikerssoftware.
Versie 3 van KDE, de K Desktop Environment, is een [CUTTING EDGE] desktop-platform, dat zijn nut kan bewijzen voor zowel alledaagse gebruikers als power users. KDE is eenvoudig in het gebruik en robuust en heeft tal van mogelijkheden. Ja, natuurlijk is er een flitsend uiterlijk met toffe icoontjes en menu's, maar er zijn ook fundamentelere mogelijkheden die KDE ideaal maken voor kantoorgebruik: centrale configuratie en het delen van systeembronnen. Overweeg je om je hele kantoor over te schakelen op Open Source, dan zou KDE wel eens een cruciale rol voor je kunnen spelen.
KDE: Konquer the Desktop Effortlessly
Misschien ben je vertrouwd met de installatie van KDE op een enkel systeem; misschien heb je echter minder ervaring met het gebruik van KDE in een omgeving met meerdere machines. In de context van een kantoor of een bedrijfs- of universiteitsdepartement zijn er drie mogelijkheden voor een algemene installatie van KDE:
- Beschouw elk systeem als afzonderlijk en installeer KDE dus op elke PC. Deze aanpak lijkt eenvoudig en rechtlijnig (per slot van rekening maak je gebruik van de kennis die je al hebt), maar er verandert weinig aan het kostenplaatje en erg handig is het evenmin. Elk systeem staat op zichzelf en heeft dus individuele aandacht nodig wanneer je instellingen wil wijzigen of problemen wil oplossen.
- Installeer KDE op een centrale server en laat de gebruikers vandaaruit KDE-applicaties starten. Omdat KDE op X steunt, kan je KDE-programma's vanop een andere machine gebruiken. Je maakt dan gebruik van de rekenkracht van de server en bespaart geld op elke afzonderlijke desktop. Deze aanpak is gebaseerd op het gebruik van zogenaamde "thin clients", een term die de beperkte systeemvereisten van elk systeem weerspiegelt. Het ontwerpen en implementeren van een thin client-oplossing ligt buiten het bereik van dit artikel, maar er zijn online uitstekende bronnen beschikbaar. Kijk bijvoorbeeld eens naar de site van het Linux Terminal Server Project. Deze aanpak heeft twee belangrijke nadelen. Ten eerste wordt er niet echt gebruik gemaakt van de krachtige processors die meestal in een modern desktop-systeem zitten. Bovendien zorgen thin clients voor een grote extra belasting van het netwerk, wat vaak niet gewenst is.
- Installeer KDE op elk afzonderlijk systeem, zoals in de eerste mogelijkheid, maar maak gebruik van gedeelde data (zoals KDE-instellingen en applicatiegegevens), door middel van een file-server en een protocol als NFS. Het geheel wordt zo ietwat complexer qua opzet, maar het gebruik van gedeelde, gecentraliseerde bronnen vereist minder ondersteunings- en opleidingskosten en vergemakkelijkt samenwerking. Bovendien wordt de beschikbare infrastructuur optimaal benut.
De laatste methode is waarschijnlijk de meest geschikte van de drie als je bedoeling is om Linux tegelijkertijd op meerdere systemen te laten gebruiken. Laten we eens kijken hoe je best tewerk gaat met systeembronnen voor KDE via een centrale server. Het streefdoel is een uniforme bedrijfsdesktop die -- door de afzonderlijke gebruikers -- enkel in die mate gewijzigd kan worden die jij bepaalt.
In the Middle of Everywhere
Voor we met het echte werk beginnen, zetten we de zaken even op een rijtje. Ons voorbeeldnetwerk zal bestaan uit een systeem voor administratie (admin), een file-server (fileserv) en een aantal desktop-systemen (desktop1, desktop2 etc.). We gaan ervan uit dat fileserver NFS gebruikt om bestanden te delen en dat admin en alle desktops NFS-shares kunnen mounten vanop fileserv. We willen een reeks KDE-configuratiebestanden op fileserv plaatsen, die als gemeenschappelijke configuratie gelden, bovenop de individuele instellingen van elke machine.
KDE installeren
We beginnen met de installatie van KDE op admin. Voorgecompileerde pakketten zijn daartoe de snelste, eenvoudigste en meest rechtlijnige manier. De meeste Linux-distributies bieden dergelijke pakketten aan, al zijn zowel binaire als broncodepakketten ook via de KDE-site zelf beschikbaar. De laatste stabiele versie vind je in de directory pub/kde/stable/latest op eender welke mirror.
Als je besluit om KDE manueel te installeren (en dus niet met daartoe bestemde programma's als apt-get, die de onderlinge afhankelijkheden en de juiste installatievolgorde voor jou controleren), vergeet dan niet dat je eerst arts moet installeren (het KDE media-systeem), vervolgens kdelibs en daarna kdebase. Alle andere pakketten kunnen in willekeurige volgorde geïnstalleerd worden.
Nadat je de installatie voltooid hebt, zullen alle KDE-bestanden zich in één en dezelfde directory op je systeem bevinden: naar die directory verwijzen we vanaf nu met $KDEPREFIX. In het geval van binaire pakketten gaat het meestal om /opt/kde of /usr. Heb je zelf de broncode gecompileerd, dan is de standaard-directory /usr/local/kde, al kan je bij het configureren natuurlijk via parameters een ander --prefix meegeven.
In dit artikel gaan we ervan uit dat /opt/kde als $KDEPREFIX geldt. Is dat voor jou niet het geval, vervang /opt/kde dan door je eigen $KDEPREFIX in onderstaande voorbeelden.
De inhoud van $KDEPREFIX zou er grofweg zo moeten uitzien:
# ls -AF /opt/kde bin/ doc/ etc/ include/ lib/ man/ sbin/ share/
In dit artikel is uiteraard vooral share/ van belang, omdat KDE er de standaardgegevens en -configuratiebestanden opslaat. In share/ vind je onder andere share/config/ (instellingen), share/apps/ (gegevens), share/icons/ (icoontjes) en share/wallpapers/ (achtergronden voor het bureaublad).
Het delen van systeembronnen
Na de installatie van KDE op admin is onze eerste taak /opt/kde/share integraal te kopiëren van admin naar een gedeeld bestandssysteem dat door fileserv gehost wordt. Zorg dus dat je /opt/kde/share kopieert naar een bestandssysteem dat zowel vanop de desktops als vanop admin zelf gemount kan worden, zoals een NFS- of SMB-share.
Een voorbeeld? Aangenomen dat /shareda een algemeen toegankelijk NFS-bestandssysteem op fileserv is, dat op admin lokaal gemount is onder /remote/shareda, zou je een commando als het deze moeten gebruiken:
# cp -pr /opt/kde/share /remote/shareda/kde-share
Nu de share/-directory zich op de file-server bevindt (met name op fileserv:/shareda/kde-share), kunnen we overgaan tot het opbouwen en instellen van een standaard-desktop. Laten we dus eerst kort ingaan op de manier waarop KDE op zoek gaat naar en gebruik maakt van applicatie-gegevens en -instellingen.
Ken je desktop-omgeving
Ter wille van de flexibiliteit kan je KDE-bronnen eender waar op je systeem plaatsen. KDE maakt gebruik van een set paden (paths) om ze terug te vinden. Een deel van die paden is voorgedefinieerd, de rest kan je opslaan in de omgevingsvariabelen KDEDIRS en KDEHOME. Afzonderlijke applicaties maken van deze paden gebruik om instellingen op te slaan en gegevens terug te vinden.
Bij een standaardinstallatie wordt /opt/kde, de map waarin KDE geïnstalleerd is, automatisch aan KDEDIRS toegevoegd. Je kan vervolgens zelf zoveel KDE-directories aan KDEDIRS toevoegen als je maar wil. Kies je er bijvoorbeeld voor om de programma-gegevens van KDE-applicaties op twee NFS-partities te mounten (/mnt/nfs1 en /mnt/nfs2), dan zou je de gebruikersomgeving op volgende manier moeten wijzigen, opdat die paden aan het totaalbeeld toegevoegd zouden worden:
KDEDIRS=/mnt/nfs1:/mnt/nfs2:$KDEDIRS export KDEDIRS
Zo zouden KDE-applicaties hun instellingen of gegevens opzoeken in de standaardmap /opt/kde én op beide NFS-partities.
Natuurlijk hebben gewone gebruikers zelden de nodige toegangsrechten om naar gedeelde systeemmappen te schrijven; KDE voorziet dan ook het concept van thuismappen (home directories) waarin de individuele voorkeuren en gegevens van iedere gebruiker bewaard kunnen worden. Het standaardpad daarvoor is ~/.kde, maar die waarde kan je vervangen door de omgevingsvariabele KDEHOME te wijzigen. Net zoals KDEDIRS kan KDEHOME uit meerdere paden bestaan; al wat je moet doen is de afzonderlijke paden scheiden met een dubbele punt.
De mappen met instellingen worden door KDE trapsgewijs aangesproken. Wanneer een KDE-applicatie op zoek gaat naar een bepaalde gebruikersinstelling, dan wordt eerst de installatiemap doorzocht. De zoektocht gaat door in de mappen die in KDEDIRS bepaald werden. Tot slot doorzoekt de applicatie in kwestie de directories die KDEHOME bevat. Mochten er conflicten optreden, dan zal steeds de laatst aangetroffen waarde gebruikt worden.
De precieze volgorde waarin de standaardmappen, KDEDIRS en KDEHOME doorzocht worden, kan je nagaan door kde-config te draaien met de optie -path config. De configuratie-mappen van KDE op admin zou je bijvoorbeeld zo kunnen weergeven:
# /opt/kde3/bin/kde-config -path config /home/root/.kde/share/config/:/opt/kde/share/config/
Je ziet dat in dit geval root's KDEHOME-map en de standaard installatiemap opgesomd werden. Merk op dat kde-config -path config de verschillende paden gesorteerd naar voorrang opsomt: bestanden die zich in KDEHOME bevinden, staan dus hoger op de ladder dan de bestanden in KDEDIRS, die op hun beurt voorrang hebben op de bestanden in /opt/kde. Onthoud dus dat de volgorde waarin de paden weergegeven worden het omgekeerde is van de volgorde waarin de paden doorzocht worden.
Klaar voor de aanpassingen
Met de nodige kennis in het achterhoofd wijzigen we KDEHOME op admin in /remote/shareda/kde-share, door deze lijnen in .profile te plaatsen (of in een ander opstartbestand, afhankelijk van de shell die je gebruikt):
KDEHOME=/remote/shareda/kde-share export KDEHOME
Door KDEHOME naar de gedeelde map te wijzen, zorgen we ervoor dat alle wijzigingen die we toebrengen via het KDE Configuratiecentrum op de administratiemachine automatisch opgeslagen worden in de map die via het netwerk gedeeld wordt. Vergewis jezelf ervan dat dat het geval is door nogmaals kde-config te draaien:
# /opt/kde3/bin/kde-config -path config /remote/shareda/kde-share/:/opt/kde/share/config/
Mooi. Pruts nu op admin naar believen met je desktop, tot je een resultaat bereikt hebt waarvan je alle gebruikers wil voorzien. Als je klaar bent, kan je op alle desktops KDE installeren. Maak daarbij gebruik van NFS om fileserv:/shareda/kde-share op elke machine te mounten onder /opt/kde/share. Zo zorg je ervoor dat de lokale instellingen van iedere gebruiker met jouw standaardconfiguratie aangevuld worden.
Instellingen in ~/.kde zullen echter toegepast worden in plaats van de instellingen in de mappen die je met NFS gemount hebt. Zo kan je algemene standaardwaarden aanbieden, zonder de gebruiker de mogelijkheid te ontnemen om zijn eigen desktop-instellingen te bepalen. Je kan echter ook in grote mate de vrijheid van je gebruikers daartoe beperken, zoals we in de volgende sectie zullen zien.
Nu de administratiemachine op punt staat zullen alle instellingen die je in het Configuratiecentrum maakt, weerspiegeld worden op alle afzonderlijke desktopsystemen. Natuurlijk is het niet aan te raden om admin als dagdagelijkse desktop te gebruiken, zeker niet met de huidige toestand van KDEHOME. Dat is op zich geen probleem; log enkel in als root, wanneer je wijzigingen aan de configuratie van KDE wil toebrengen. Voor dagdagelijks gebruik beperk je jezelf tot een gewone gebruiker. In grotere omgevingen zou je een [REVISION CONTROL SYSTEM] als CVS kunnen gebruiken om instellingen op te slaan.
De stand van zaken behouden
Het is niet altijd wenselijk om de gebruikers algemene instellingen te laten overschrijven met hun eigen voorkeuren. Om administratieve klussen tot het minimum te beperken, bepalen vele IT-departementen een standaard systeemconfiguratie, waarna gewone gebruikers de mogelijkheid ontzegd wordt die configuratie aan te passen. De traditionele toegangsrechten onder UNIX zijn een mogelijke manier om een Linux-desktop zo te beveiligen, maar er blijft een zekere afhankelijkheid van specifieke programma's bestaan: zonder ondersteuning door applicaties volstaan gewone UNIX-toegangsrechten dus niet.
KDE biedt die ondersteuning in de vorm van het KDE Kiosk-framework, dat voor het eerst beschikbaar was in KDE 3.0. De oorspronkelijke drijfveer voor Kiosk was de behoefte aan publiek toegankelijke terminals, waarbij het van cruciaal belang is het systeem zo grondig mogelijk af te sluiten. Naarmate het project vaste vorm aannam, groeide het besef dat het framework eveneens erg geschikt was voor het beheer van desktops in bedrijfsomgevingen.
Op dit moment biedt Kiosk drie manieren om gebruikersgedrag aan banden te leggen. De eerste manier ligt waarschijnlijk het meest voor de hand: applicatie-instellingen zijn eenvoudigweg niet wijzigbaar. Het tweede type van beveiliging wijzigt het gedrag van programma's, zodat je het bepaalde gebruikers onmogelijk kan maken bepaalde mogelijkheden van bepaalde programma's te gebruiken. De derde mogelijkheid houdt in dat je de gebruiker niet toestaat om bepaalde groepen van instellingen te wijzigen, bijvoorbeeld eender welke instelling die met iconen te maken heeft, in eender welk programma.
Instellingen van applicaties afschermen
Met het Kiosk-systeem kan je individuele instellingen, groepen van instellingen of hele programma's afschermen. Je doet dat door in een algemeen configuratiebestand bepaalde instellingen als "niet wijzigbaar" (unchangeable) te markeren -- [immutable] in KDE-jargon.
Configuratiebestanden voor KDE bestaan uit paren van sleutels en waarden. Elk groepje opties wordt daarbij voorafgegaan door een titel tussen vierkante haken. Dit voorbeeld komt letterlijk uit zo'n bestand:
[FMSettings] AlwaysNewWin=false HomeURL=~ ShowFileTips=true
Het zou kunnen dat je als systeembeheerder niet wil dat gebruikers deze instellingen kunnen wijzigen. Wil je bijvoorbeeld dat niemand aan de ShowFileTips-instelling kan raken, zonder daarbij de andere instellingen aan te passen, voeg daar dan gewoon [$i] aan toe:
[FMSettings] AlwaysNewWin=false HomeURL=~ ShowFileTips[$i]=true
ShowFileTips is nu [IMMUTABLE]. Om de hele set van [FMSettings] af te schermen, zou het er zo uitzien:
[FMSettings][$i] AlwaysNewWin=false HomeURL=~ ShowFileTips=true
Om alle instellingen in het hele bestand af te schermen, plaats je de [$i] op een geïsoleerde lijn:
[$i] [FMSettings] AlwaysNewWin=false HomeURL=~ ShowFileTips=true
In een kantoor zitten meerdere gebruikers, die allemaal een dergelijke ingekrompen configuratie zouden delen. Misschien is er echter wel degelijk behoefte aan een zekere graad van flexibiliteit, om de specifieke voorkeuren van elke gebruiker in acht te nemen. Elke gebruiker heeft bijvoorbeeld zijn of haar persoonlijke thuismap. KDE voorziet gebruikersgebonden aanpassingen, doordat omgevingsvariabelen en zelfs shell-commando's in configuratiebestanden gebruikt kunnen worden.
Stel, bij wijze van voorbeeld, dat de omgevingsvariabele BEDRIJFSNIEUWS als startpagina voor Konqueror gebruikt moet worden, in plaats van "~". Je zou in dat geval HomeURL als volgt kunnen wijzigen:
HomeURL[$e]=$BEDRIJFSNIEUWS
[$e] geeft aan dat het om een dynamische waarde gaat. Je kan [$e] trouwens combineren met [$i], om te vermijden dat gebruikers deze instelling aanpassen.
Sinds KDE 3.1 zijn de mogelijkheden niet langer beperkt tot omgevingsvariabelen: je kan nu ook shell-commando's opgeven in plaats van omgevingsvariabelen. In dit geval zouden we dan dit kunnen schrijven:
HomeURL[$e]=$(/usr/bin/homeURL)
De haakjes zorgen ervoor dat de tekst ertussen als shell-commando opgevat wordt, en niet als een gewone omgevingsvariabele. Om het geheel vast te leggen, zouden we dit schrijven:
HomeURL[$ei]=$(/usr/bin/homeURL)
In ons fictieve kantoorvoorbeeld willen we verscheidene desktop-instellingen vastleggen, te beginnen bij de standaardconfiguratie van Kicker (het KDE-paneel). Dat doen we door het paneel eerst exact in te stellen zoals we het willen, via het KDE Configuratiecentrum. Vervolgens hebben we een teksteditor nodig om het relevante configuratiebestand te wijzigen. In dit geval gaat het om /opt/kde/share/config/kickerrc. Voeg bovenaan, nog boven eventuele instellingen, een [$i] toe en bewaar je wijzigingen. Alle desktops hebben nu precies hetzelfde paneel, terwijl geen enkele gebruiker er instellingen van kan wijzigen, zelfs niet mocht het enkel zijn of haar eigen login betreffen. De mensen van de helpdesk zullen je dankbaar zijn!
Om de verschillende opties met betrekking tot het uiterlijk van KDE te bepalen (onder andere iconen, bureaublad-achtergronden, kleurenschema's, widget-stijlen en vensterdecoraties) gebruik je dus het Configuratiecentrum om vorm te geven aan een officiële look & feel voor je bedrijf. Daarna pas je /opt/kde/share/config/kdeglobals aan. Je hoeft niet per se het hele bestand af te schermen, evengoed kan je je beperken tot enkele specifieke instellingen.
Om bijvoorbeeld de achtergrond van het bureaublad aan te passen, open je /opt/kde/share/config/kdesktoprc en markeer je daar "Desktop0" als [IMMUTABLE]:
[Desktop0][$i] BackgroundMode=VerticalGradient Color1=30,114,160 Color2=192,192,192 MultiWallpaperMode=NoMulti Wallpaper=default_blue.jpg WallpaperMode=Scaled
Meer informatie over de manier waarop je het uiterlijk van KDE kan wijzigen, vind je op pagina 5 van het Engelstalige artikel waarvan dit de vertaling is: http://www.linux-mag.com/2002-11/kde_05.html.
Je zou voorts standaard-instellingen voor het verzenden en ontvangen van e-mail kunnen bepalen. Stel KMail op admin in zoals het hoort en wijzig daarna /opt/kde/share/config/kmailrc:
[General] Default Identity[$i]=0 transports[$i]=1 accounts[$i]=1 [Identity #0] Drafts[$i]=drafts Email Address[$i]=$USERMAIL Identity[$i]=Default Name[$ei]=$username Organization[$i]=Acme Inc. Reply-To Address[$e]=$USERMAIL Transport[$i]=Acme
Merk op dat we niet alle instellingen vastgelegd hebben; zo kan de gebruiker nog steeds bepaalde zaken zoals een handtekening of een reply-to-adres bepalen.
En nu we toch bezig zijn...
Natuurlijk is het afschermen van configuratiebestanden behoorlijk nuttig. KDE heeft echter wel meer in petto. Zoals hogerop reeds gezegd werd, kan je bijvoorbeeld bepaalde acties in KDE-programma's uitschakelen. Het gaat daarbij om acties als het opslaan van een bestand, het melden van bugs of het wijzigen van instellingen van werkbalken. Deze beperkingen worden bepaald in het bestand share/config/kdeglobals, in een speciale reeks instellingen onder de titel [KDE Action Restrictions].
Een lijst van gebruikelijke acties die je de gebruiker kan ontzeggen, vind je in share/config/ui/ui_standards.rc. Verder hebben afzonderlijke applicaties vaak nog een eigen reeks acties, die je te weten kan komen met dcop (Desktop COmmunication Protocol) scripting-hulpmiddelen. Wil je bijvoorbeeld uitvissen van welke acties KMail zoal gebruik maakt, dan start je KMail op en geef je hetvolgende commando in:
# dcop kmail qt objects | grep KActionCollection/ | cut -d '/' -f 3 KActionCollection-KAccel viewDocumentSource
Door deze acties in een bestand met de naam KDEGlobals te plaatsen, al dan niet voorafgegaan door action/, kan je de verschillende acties respectievelijk in- en uitschakelen. Naast individuele acties zijn er ook groepen van acties:
- custom_config
Bepaalt of de CLI-optie --config al dan niet in acht genomen moet worden. De optie zou gebruikt kunnen worden om bepaalde vastgelegde beperkingen te omzeilen. - lock_screen
Bepaalt of de gebruiker het scherm kan vergrendelen. - logout
Bepaalt of de gebruiker de KDE-sessie eigenhandig kan beëindigen. - movable_toolbars
Bepaalt of de gebruiker werkbalken rond kan bewegen. - run_command
Bepaalt of de gebruiker toegang heeft tot de optie "Commando uitvoeren..." (sneltoets: Alt+F2). - shell_access
Bepaalt of de gebruiker een shell mag opstarten. Deze actie is ook van belang voor "Commando uitvoeren...": shell_access impliceert de mogelijkheid om eender welk commando uit te voeren. - run_desktop_files
Bepaalt of de gebruiker bestanden op het bureablad mag uitvoeren als ze geen onderdeel zijn van de standaard desktop, het KDE-menu of vastgelegde services. De standaard desktop bevat de bestanden in $KDEDIR/share/kdesktop/Desktop, maar niet de bestanden in $HOME/Desktop. Het KDE-menu omvat alle bestanden onder $KDEDIR/share/applnk. Vastgelegde services zitten onder $KDEDIR/share/services.
Bepaalde bronnen afschermen
Om te besluiten kan je ook bepaalde systeembronnen afschermen voor de gebruikers. Zo kan je de gebruiker effectief elke toegang tot bepaalde standaardwaarden ontzeggen, al proberen ze nog zo hard om er hun eigen stempel op te drukken via hun hoogstpersoonlijke $KDEHOME. Volgende systeembronnen kan je zo beschermen:
- all
alle onderstaande systeembronnen. - apps
share/applnk - config
configuratiebestanden - data
programma-gegevens - data_<appname>
gegevens voor programma <appname> - exe
programma-bestanden - html
HTML-documentatie - icon
iconen - lib
bibliotheken - locale
localisatie-bestanden - mime
mimetype-definities - pixmap
grafische bronnen - services
definities van protocollen en filters - servicetypes
definities van componenten - sound
geluidsbestanden - templates
sjablonen - wallpaper
bureaublad-achtergronden
Gecentraliseerde informatiebronnen gebruiken
Het is belangrijk om de toegang tot bepaalde bronnen in te perken, maar even belangrijk is het om vast te leggen welke bronnen gedeeld moeten worden. In een modern kantoor zijn LDAP adresboeken, proxy-servers en zelfs systemen met publieke sleutels gebruikelijk geworden. Niet alleen ondersteunt KDE een brede waaier van dergelijke gedeelde bronnen, het stelt beheerders bovendien in staat om dergelijke bronnen comfortabel vorm te geven vanuit een centraal configuratiescherm. Zodra de gedeelde bronnen bepaald zijn, kunnen ze door alle KDE-applicaties benaderd worden.
Een goed voorbeeld is het adresboek van KDE, dat gedeeld wordt door alle KDE-applicaties die er baat bij hebben. Het adresboek zelf maakt gebruik van het standaardformaat VCARD. Als je een adresboek wil opstellen voor het hele kantoor, dan open je de sectie Adressenboek, in het Configuratiecentrum onder KDE-componenten. Kies daar voor Toevoegen... en vul de bronnen die je wil delen in.
Momenteel zijn er vier mogelijke brontypes: een platte-tekstbestand, een map met per contactpersoon een bestand, een SQL-database en een LDAP-server. Merk op dat die laatste twee mogelijk niet meegecompileerd zijn in jouw versie van KDE.
Als je een bron toegevoegd hebt, verschijnt hij in de lijst van beschikbare bronnen. Je kan hem daarna activeren door simpelweg de checkbox ernaast aan te vinken. Als je hem aanvinkt en vervolgens op Opslaan als standaard... klikt, dan is dat de standaardbron.
Zodra je klaar bent met het toevoegen van bronnen, kan je beginnen met het wijzigen en toetimmeren van /opt/kde/share/config/kabcrc, door middel van Kiosk. Het instellen en onderhouden van proxy-servers is even eenvoudig.
Wat hierboven beschreven werd, is slechts het topje van de ijsberg als het erop aankomt gecentraliseerde bronnen voor KDE te beschrijven en in te zetten in het werkelijke leven. In het Configuratiecentrum vind je voorts instellingen voor gedeelde bestanden van Windows-machines, voor het beheren van lokale printers en printers die zich elders bevinden en voor het installen van services die automatisch op zoek gaan naar netwerkbronnen. Met een dergelijk uitgebreid gamma aan hulpmiddelen en ondersteuning voor een brede waaier van infrastructuurtypes staat KDE garant voor een eenvoudige en naadloze integratie in bestaande bedrijfsnetwerken.
Daarenboven omvat KDE heel wat applicaties die eveneens ontvankelijk zijn voor standaardinstellingen: KOffice, KMail en Konqueror om er maar enkele te noemen.
KDE: Kan Do Everything
De vraag die we vandaag de dag moeten stellen, luidt niet langer of de Linux-desktop ooit van de grond zal komen, maar wanneer die opmars zal beginnen en in welke context. Een plausibel scenario is dat van kantoren in kleine, middelgrote en grote ondernemingen. Veel meer dan thuis spelen flexibiliteit, stabiliteit, veiligheid en financiële overwegingen een belangrijke rol in bedrijven. Bovendien is het eigenlijk al zover: talrijke bedrijven zijn druk in de weer met het omschakelen van desktop-systemen naar Linux. Bedrijven hebben dan ook een belangrijke troef, waaraan het de meeste thuisgebruikers ontbreekt: een goed opgeleid IT-departement.
Een belangrijke voorwaarde voor de verdere groei en verspreiding van vrije software, vanuit de serverruimte naar de desktop, is het voortbestaan van projecten als KDE, XFree86 en Linux -- een voortbestaan zonder de eigen focus uit het oog te verliezen. Om die evolutie te garanderen, is aanhoudende steun van een gemeenschap van ontwikkelaars, artiesten, documentatieschrijvers, vertalers, sponsors en gebruikers een absolute vereiste.
Mocht de toekomst min of meer op het verleden lijken, dan zit de Linux-desktop als gebeiteld.
Licenties en verdiensten
De originele, Engelstalige versie van dit artikel is afkomstig uit Linux Magazine, meerbepaald uit de editie van november 2002. Het artikel is van de hand van KDE-ontwikkelaar Aaron J. Seigo; je kan hem bereiken op aseigo@olympusproject.org.
Tot nader order vind je het origineel van dit artikel terug op http://www.linux-mag.com/2002-11/kde_01.html.
Vertaald met permissie; het copyright op het origineel berust bij Linux Magazine.
Over deze site | Laatst gewijzigd: $Date: 2005/04/24 18:27:08 $ door: $Author: tijmen $